blog George Lawson
15 juni 2009'Wie aandacht voor zichzelf wil doet er goed aan om belangstelling voor anderen te tonen.'
Terwijl U deze beginselverklaring van ons Nederlands internationaal cultuurbeleid leest zit ik in een vliegtuig dat zojuist vertrokken is voor een 11 uur durende vlucht naar Sao Paulo.
Samen met collega directeuren en andere vertegenwoordigers van de cultuurfondsen en sectorinstituten maak ik deel uit van een culturele missie die onder leiding van de nieuwe OCW directeur Monique Vogelzang de culturele samenwerking met Brazilië een stap verder zal proberen te brengen.
Mocht U zich afvragen wat wij in dit land van “carnaval en sambavoetbal” te zoeken hebben: Brazilië is een land dat samen met Rusland, China en India tot de snelst groeiende economieën in de wereld wordt gerekend. Zij zullen volgens de investeringsbank Goldman Sachs omstreeks 2050 de meeste van de huidige rijkste landen hebben ingehaald. Maar Brazilië is ook een land dat onder leiding van President Lula da Silva een al even spectaculaire sociale revolutie doormaakt. De groei van het zelfbewustzijn van Latijns Amerika is voor een deel op de inspirerende voorbeeldwerking van dit Braziliaanse model terug te voeren.
Door dit alles is Brazilië ook als draaischijf van de internationale cultuur sterk in opkomst. En dit land voegt daar met zijn unieke vermogen van combineren en mixen ook veel eigens aan toe. Wie daarover meer wil weten raad ik aan de tentoonstelling “Brazil Comtemporary” in Rotterdam te bezoeken een samenwerkingsproject van Museum Boijmans van Beuningen, Nederlands Architectuurinstituut en het Nederlands Fotomuseum. Een indrukwekkend en meeslepend portret van de fascinerende dubbelzinnigheid waarmee de moderne Braziliaanse cultuur omgaat met zowel de mogelijkheden als de keerzijden van de globalisering.
Het zal U na dit alles niet verbazen dat Brazilië in ons Nederlands internationaal cultuurbeleid inmiddels hoog op de lijst van culturele prioriteitslanden staat. Mede ter voorbereiding van onze missie hebben Braziliaanse cultuurexperts ons geholpen de formele en informele culturele infrastructuur van dit enorme land in kaart te brengen en om alvast zicht te krijgen op wat er in de haarvaten van het culturele leven leeft. De resultaten van dit zogenaamde mapping project kregen op een opmerkelijk druk bezochte SICA bijeenkomst van het Nederlandse culturele veld in het West-Indisch Huis vervolgens een enthousiast onthaal. En nu zijn we dan op weg naar dit land om liefst zoveel mogelijk concrete afspraken te maken met onze respectieve Braziliaanse partners.
Het werkprogramma dat SICA medewerker Jorn Konijn daarvoor samen met de betrokken Nederlandse Consulaten heeft gemaakt vertoont veel overeenkomsten met de timetable van de Londense ondergrondse. Geen seconde wordt in deze zeven dagen durende reis naar Sao Paulo en Rio de Janeiro onbenut gelaten. Dat is ook goed want bij een minder straffe aanpak zouden wij calvinistische Nederlanders ons al snel ongemakkelijk voelen. Iets anders is of dit ook werkt in het land van “deixar rolar” (laat het gebeuren) en “pegar onder” (surf op de golf van het moment). Dat laat ik U morgen of overmorgen in mijn volgende blog vanuit Sao Paulo weten.