Een componist heeft nog twee subsidies oude stijl niet afgerond. Mag hij een werkbeurs aanvragen? En mag er een nieuwe opdracht voor hem worden aangevraagd?
Nee, hier geldt wat altijd gold, namelijk dat een werkbeurs alleen kan worden aangevraagd als er nog maar één subsidie 'open staat'. Een nieuwe opdracht kan wel, die opdracht moet worden aangevraagd door de opdrachtgever.
Het type regeling
Moet ik als ik een compositie wil laten maken altijd apart subsidie aanvragen voor die opdracht?
Nee dat hoeft niet. Een compositieopdracht kan ook onderdeel uitmaken van een aanvraag voor een productiesubsidie. Het aanvragen van een aparte subsidie voor het geven van een compositieopdracht ligt vooral voor de hand als voor de uitvoering geen aparte subsidie van het Fonds Podiumkunsten vereist is of als er veel tijd ligt tussen het maken van de compositie en de uitvoering. Het is dus mogelijk tegelijkertijd een aanvraag in te dienen voor de productie (inclusief de compositie) en voor de opdracht apart. Het zegt overigens wel iets over de noodzaak van een productiesubsidie. Blijkbaar kan het plan dan ook zonder subsidie voor de productie worden uitgevoerd.
Moet een aanvraag voor een compositieopdracht een totaal productie plan en begroting worden gevoegd?
Het is niet nodig om een volledig productionele plan en begroting bij een opdrachtaanvraag te voegen. Wel moet de aanvrager aannemelijk maken dat het om concrete en realiseerbaar plannen gaat die financieel gedekt zijn. In het algemeen geldt: hoe groter de plannen, hoe groter de noodzaak om onderbouwing. Als een aanvrager een structureel gesubsidieerd ensemble of orkest is, is een productioneel plan alleen nodig als het om een opdracht gaat die niet binnen de reguliere middelen van het ensemble of orkest uitgevoerd kan worden.
Toelating tot de regeling
Kan een vereniging een subsidie compositieopdracht aanvragen?
Alle instellingen die rechtspersoonlijkheid hebben (let wel: met rechtsvolledige bevoegdheid) kunnen opdrachtsubsidie aanvragen. Wel moet aannemelijk zijn dat de aanvrager ook werkelijk zelf de opdrachtgever is, en dus niet als ‘brievenbusfirma’ fungeert.
Is het mogelijk om zowel een compositieopdracht als een werkbeurs aan te vragen, zodat je meer kansen hebt? Of is het beter een keuze te maken? Staan de beslissingen voor elk van de vormen helemaal los van elkaar?
Bij een opdracht staat de vraag van de opdrachtgever centraal, bij een werkbeurs het initiatief van de maker. Vanuit die basisgedachte moet gekozen worden welke subsidievorm volgens de aanvrager het best past. Die subsidie moet dan worden aangevraagd. Het is dus niet de bedoeling dat voor hetzelfde werk tweemaal wordt aangevraagd.
MEERJARIGE ACTIVITEITENSUBSIDIE VOOR PRODUCERENDE INSTELLINGEN 2013-2016
Praktisch: aanvraag indienen, deadlines
Vanaf wanneer en waar kan ik de aanvraagformulieren verkrijgen?
De aanvraagformulieren zijn vanaf 15 december te downloaden op de website van het Fonds. U dient uw aanvraag digitaal in.
Wanneer moet ik mijn aanvraag indienen?
De aanvraag voor de periode 2013-2014 moet uiterlijk 1 maart 2012 om 17.00 uur zijn ontvangen door het Fonds. De vervolgaanvraag voor de periode 2015-2016 moet uiterlijk 1 mei 2014 om 17.00 uur zijn ontvangen.
Wanneer is bekend of mijn aanvraag wordt gehonoreerd?
Het besluit voor de periode 2013-2014 wordt uiterlijk op 1 augustus 2012 bekend gemaakt.
Waar kan ik terecht als ik nog vragen heb?
U kunt contact opnemen met de secretaris van het team waar uw aanvraag betrekking op heeft: muziek, theater, dans, muziektheater of festivals of met de helpdesk. De contactgegevens kunt u vinden op onze website.
Het type regeling
Betreft het een twee- of een vierjarige subsidie?
Het betreft een subsidie voor twee jaar, met de mogelijkheid tot een verlenging van twee jaar. Het perspectief is dus vier jaar. Er is maar één keer in de vier jaar een aanvraagronde. Een instelling dient een aanvraag in die concrete plannen bevat voor de activiteiten in de periode 2013-2014, die ook past binnen een lange termijnvisie die over deze jaren heengaat en ook als basis kan dienen voor het activiteitenplan 2015-2016. In het tweede jaar vindt een toets plaats. Dan wordt nagegaan of de afspraken die Fonds en instelling hebben gemaakt zijn nagekomen. De instelling dient dan ook een nieuwe aanvraag in met uitgewerkte voornemens voor 2015-2016. Als de toets gehaald wordt, worden de afspraken voor 2015-2016 vastgesteld.
Wat is het verschil tussen deze regeling en vierjarige subsidie 2009-2012?
De belangrijkste verschillen zijn:
de nieuwe regeling is geen exploitatiesubsidie, maar een activiteitensubsidie op grond van basisbedragen per voorstelling; er wordt een maximum aantal activiteiten ondersteund;
in de beoordeling spelen de criteria kwaliteit, ondernemerschap, pluriformiteit en spreiding een gelijkwaardiger rol; bij de beoordeling wordt gebruik gemaakt van een puntensysteem.
Wat is voor festivals het verschil tussen deze regeling en de tweejarige programmeringsregeling van het Fonds?
De regeling meerjarige activiteitensubsidies richt zich met name op festivals die een bijzondere betekenis hebben voor de ontwikkeling van de podiumkunsten. Dit in tegenstelling tot de tweejarige programmeringsregeling, waar dit aspect minder zwaar weegt en het accent meer ligt op de presentatiefunctie. Er zal ook maar een (heel) beperkt aantal festivals een meerjarige subsidie ontvangen, terwijl er binnen de tweejarige regeling ruimte is voor een veel groter aantal festivals.
Zijn er ook nog tweejarige projectsubsidies?
Nee. De tweejarige projectsubsidies vervallen. Er blijft wel een regeling voor enkelvoudige projectsubsidies bestaan.
Ik heb activiteiten die min of meer gelijkwaardig zijn verdeeld over verschillende disciplines. Hoe en waar vraag ik aan?
U dient aan te vragen bij de discipline waarbinnen in uw praktijk de nadruk ligt. Als er sprake is van activiteiten in verschillende disciplines die ook los van elkaar staan, kunt u los aanvragen. U moet dan wel kunnen aantonen dat u aan de drempelnormen voldoet met betrekking tot de activiteiten in de betreffende discipline.
Toelating tot de regeling
Kan een nieuwe organisatie ook subsidie aanvragen?
Een net opgerichte organisatie die in die hoedanigheid nog geen activiteiten heeft verricht kan niet aanvragen. Een producerende instelling die pas kort bestaat, maar aan de drempelnormen voldoet, kan wel aanvragen. Leidend daarbij zijn de activiteiten van de betreffende organisatie. Activiteiten in het verleden van een of meer van de betrokkenen bij een andere organisatie, worden niet meegerekend. Voor festivals geldt dat er minimaal drie edities moeten zijn gerealiseerd.
Ik heb van 2009 t/m 2011 niet, of niet in alle jaren, 20 % eigen inkomsten behaald. Kan ik aanvragen?
De drempelnorm voor eigen inkomsten betreft het gemiddelde over drie jaar. U hoeft niet in ieder afzonderlijk jaar de 20% te hebben behaald als daar een hoger eigeninkomstenquote in andere jaren tegenover staat. Een festival moet in elk geval aan dit gemiddelde voldoen. Voor een producerende instelling geldt het volgende: als u als producerende instelling gemiddeld niet aan 20% komt, maar wel aan de andere drempelnorm van gemiddeld 40 of meer uitvoeringen per kalenderjaar voldoet, kunt u bij wijze van uitzondering toch aanvragen als u aannemelijk weet te maken dat u vanaf 2013 de eigeninkomstenquote wel zult behalen. De aanvraag wordt daar expliciet op getoetst.
Ik heb van 2009 t/m 2011 niet, of niet in alle jaren, 40 uitvoeringen per jaar gerealiseerd. Kan ik toch aanvragen?
De drempelnorm (voor producerende instellingen) voor het aantal uitvoeringen per jaar betreft het gemiddelde over drie jaar. U hoeft niet in ieder afzonderlijk jaar 40 uitvoeringen te hebben gerealiseerd. Ook wanneer u bijvoorbeeld 40 uitvoeringen in 2009, 30 in 2010 en 50 in 2011 hebt gerealiseerd, voldoet u aan de norm. Wanneer u gemiddeld minder dan 40 uitvoeringen per jaar realiseerde, maar wel aan de andere drempelnorm van 20% eigen inkomsten voldoet, kunt u bij wijze van uitzondering toch aanvragen als u aannemelijk kunt maken dat u vanaf 2013 wel gemiddeld 40 uitvoeringen per jaar zult realiseren. De aanvraag wordt daar expliciet op getoetst.
Kunnen productiehuizen nog subsidie aanvragen?
De meerjarige regeling biedt geen aparte mogelijkheden voor productiehuizen als talentontwikkelaar, maar staat open voor alle producenten met een kernactiviteit die bestaat uit het organiseren van voorstellingen of concerten op het terrein van de professionele podiumkunsten, met een herkenbaar artistiek signatuur. Aanvragen van productiehuizen die daaraan voldoen worden gewoon in behandeling genomen.
Mijn organisatie is gespecialiseerd in amateurkunst, talentontwikkeling of kunsteducatie. Kan ik meerjarige activiteitensubsidie aanvragen?
Nee, de meerjarige regeling richt zich op organisatie met als kernactiviteit het organiseren van voorstellingen of concerten op het terrein van de professionele podiumkunsten.
Ik vraag aan voor een festival. In het geval die aanvraag niet wordt gehonoreerd, wil ik ook aanvragen voor de tweejarige programmeringsregeling festivals. Kan dat?
Ja, dat kan.
Combinatie met andere subsidies van het Fonds Podiumkunsten, OCW of het Fonds voor Cultuurparticipatie
Kan je bij een combinatie van professionele en amateurvoorstellingen bij zowel het Fonds Podiumkunsten als het Fonds voor Cultuurparticipatie aanvragen?
Het is niet mogelijk om van beide fondsen meerjarige activiteitensubsidie te ontvangen. Wanneer u meerjarige subsidie van een van de fondsen ontvangt, is het ook niet mogelijk om daarnaast projectsubsidie bij het andere fonds aan te vragen. Wel kunt u bij beide fondsen een aanvraag voor uw integrale activiteitenplan indienen, wanneer u niet zeker bent bij welk fonds uw aanvraag het beste past. We adviseren u dan vooraf contact op te nemen met medewerkers van beide fondsen.
Kan een gezelschap dat meerjarige activiteitensubsidie van het Fonds ontvangt daarnaast nog aanspraak maken op projectsubsidie, subsidie voor internationalisering of voor compositie-opdrachten?
Het uitgangspunt is dat alle activiteiten worden opgenomen in het plan waarvoor meerjarige subsidie wordt aangevraagd. Er kan daarnaast geen projectsubsidie worden aangevraagd. In bepaalde gevallen blijft het mogelijk een subsidie voor internationalisering of een compositie-opdracht aan te vragen, mits deze activiteiten overduidelijk los staan van het meerjarenplan.
Past een compositie-opdracht bij de toeslag innovatie? Of kan ik daarvoor apart aanvragen bij compositie?
Als onderdeel van uw werkpraktijk is dat u compositieopdrachten verstrekt dan neemt u dat op in uw aanvraag. Het Fonds beoordeelt dan of dat van belang is voor de hoogte van het subsidie en of er aanleiding is in dat verband een innovatietoeslag toe te kennen. Het apart aanvragen van compositie-opdrachten blijft daarnaast mogelijk. Het Fonds zal daarbij wel toetsen in hoeverre van u verwacht mag worden dat u de opdracht uit de meerjarige subsidie betaalt.
Als ik straks gesubsidieerd word in de Basisinfrastructuur, kan ik dan ook nog subsidie bij het Fonds aanvragen voor projecten, compositie-opdrachten of internationalisering?
Voor projecten en internationalisering kunt u dan geen subsidie meer aanvragen bij het Fonds Podiumkunsten. In bepaalde gevallen kunt u voor compositie-opdrachten nog wel voor ondersteuning in aanmerking komen als deze overduidelijk los staan van uw meerjarenplan voor de Basisinfrastructuur.
Als mijn aanvraag voor meerjarige activiteitensubsidie wordt afgewezen, sluit dan het projectenloket?
Nee, u kunt dan nog steeds aanvragen voor projecten indienen.
Bij het toetsen van de artistieke kwaliteit gaat het om drie kernbegrippen: vakmanschap, oorspronkelijkheid en zeggingskracht. Een omschrijving hiervan is te vinden in de toelichting op de regeling in de paragraaf ‘criteria’.
Wat wordt bedoeld met pluriformiteit?
Bij het criterium pluriformiteit wordt de aanvraag afgezet tegen dat wat er verder in Nederland gebeurt. In hoeverre leveren de voorstellingen of concerten, of de activiteiten tijdens een festival, een interessante bijdrage aan wat er verder wordt gemaakt en getoond? Het gaat hierbij niet alleen om het genre, maar kan ook gaan om bijvoorbeeld een nieuwe presentatievorm. Bij de beoordeling wordt het aanbod bekeken in relatie tot andere aanvragers bij het Fonds, instellingen in de Basisinfrastructuur en instellingen buiten de gesubsidieerde podiumkunsten. Zie voor meer uitleg de toelichting op de regeling in de paragraaf ‘criteria’.
Wat wordt bedoeld met ondernemerschap?
Ondernemerschap kent een aantal aspecten: ten eerste de wijze waarop de aanvrager zijn publiek benadert, bereikt en ontwikkelt, ten tweede de wijze waarop de aanvrager andere inkomsten dan overheidssubsidie verwerft; ten derde een deugdelijke bedrijfsvoering die past bij de voorgenomen prestaties. Voor een uitgebreide omschrijving, zie de toelichting op de regeling in paragraaf ‘criteria’.
Speelt het publieksaantal of de bezettingsgraad een rol in de beoordeling?
Niet direct, maar er wordt op verschillende wijzen gekeken naar dit punt. Zo speelt dit indirect een rol bij het beoordelen van de hoogte van de eigen inkomsten en komt dit aspect ook aan de orde in het kader van het ondernemerschap bij de beoordeling van de publieksopbouw en de publieksontwikkeling.
In welke mate bemoeit het Fonds zich met de bedrijfsvoering?
Het Fonds bemoeit zich niet direct met de bedrijfsvoering. Het is aan een instelling zelf hoe bijvoorbeeld de organisatie is ingericht en hoe hoog salarissen en overhead zijn. Wel wordt van instellingen verwacht dat hun bedrijfsvoering professioneel is en dat zij de Code Cultural Governance naleven. Bij de beoordeling van ondernemerschap wordt hiernaar gekeken.
Komt er een maximering aan de salarissen?
Het Fonds bemoeit zich niet met de salarishoogte.
Wanneer scoor ik goed op geografische spreiding?
Bij het criterium spreiding bekijkt de commissie primair de plaats waar de activiteiten in Nederland plaatsvinden. Naast de spreiding van uitvoeringen wordt ook gekeken naar de plaats waar een instelling is gevestigd en daadwerkelijk werkt. Er wordt een oordeel gegeven in relatie tot andere aanvragers en andere partijen (gesubsidieerd en niet gesubsidieerd). Er wordt ook rekening gehouden met het landschap van instellingen binnen de Basisinfrastructuur.
Is spreiding van speelbeurten belangrijker dan de vestigingsplaats?
Nee, deze spelen een gelijkwaardige rol in de beoordeling.
Ik vraag ook subsidie aan bij de gemeente of provincie. De uitslag daarvan komt niet gelijk met die van het Fonds. Hoe beoordeelt het Fonds of een instelling ook financiering ontvangt van gemeente of provincie, als de uitslag nog niet bekend is?
Op het moment van besluitvorming zijn de voornemens van de lokale en regionale overheden als het goed is in grote lijnen bekend. Het Fonds overlegt met de betreffende overheden over die voornemens. Op basis daarvan beslist het Fonds. Als uiteindelijk blijkt dat een verwachte bijdrage van een lagere overheid niet definitief wordt toegezegd kan het Fonds zijn beslissing herzien.
Wat als een lagere overheid geen geld maar faciliteiten beschikbaar stelt, telt dat dan ook mee? (matching in natura)
Ja, dat telt mee, maar kapitaliseren kan uitsluitend wanneer u dit ook in de jaarrekening doet of gaat doen. Dat betekent dat er aan deze matching in natura ook facturen ten grondslag moeten liggen.
Hoe wordt omgegaan met aanvragen voor jeugdaanbod?
Aanvragen voor jeugdaanbod worden op dezelfde wijze beoordeeld als andere aanvragen. De bijdrage die een aanvrager levert aan de pluriformiteit van de podiumkunsten is daarbij een van de beoordelingscriteria. Dat criterium heeft tot doel ruimte te bieden aan een variëteit aan genres en subgenres, inclusief aanbod voor de jeugd. Voor jeugdaanbod gelden dezelfde basisbedragen per voorstelling.
Mag een financiële bijdrage van een lokale of regionale overheid ook uit een ander lokaal of regionaal budget komen dan die specifiek voor kunst en cultuur?
Ja. Het gaat om een structurele bijdrage, dus de bijdrage moet toegekend worden voor meer dan één project of één editie van een festival of concours, maar het maakt niet uit van welke afdeling dit geld afkomstig is, zolang het maar om publiek geld gaat. Ook structurele bijdragen die via een gemeentelijk of provinciaal fonds verstrekt worden vallen hier dus onder.
Hoe weet ik welk subsidiebedrag redelijk is voor een coproductie?
Het subsidiebedrag dat geldt voor een coproductie wordt per producent vastgesteld op basis van de inbreng van die betreffende partner. Het gaat dus niet om de kosten voor de totale productie, maar om de kosten die de aanvrager maakt voor zijn aandeel in de productie.
Wanneer is er sprake van een coproductie?
Een coproductie is een productie waarbij sprake is van een gedeelde artistieke en productionele verantwoordelijkheid. Dit moet ook blijken uit de manier waarop de coproductie wordt gepresenteerd; de namen van de coproducenten moeten bijvoorbeeld op de affiches staan. De verdeling van kosten en inkomsten mag onderling worden afgesproken en hoeft dus niet 50/50 te zijn (bij twee partners).
Het is van belang in de aanvraag goed te beschrijven hoe een coproductie tot stand gaat komen (artistiek, productioneel en zakelijk). Coproducenten mogen alle voorstellingen als prestaties meetellen (dus ieder voor 100%), de opbrengsten moeten worden verdeeld over de coproducerende partners (dus ieder voor het eigen aandeel).
Beoordelingsprocedure & commissies
Bij de beoordeling wordt er gewerkt met ‘scores’. Hoe gaat dat in zijn werk?
Per criterium wordt een cijfer toegekend. Het totaal van de cijfers per criterium bepaalt de behaalde score. In de toelichting op de regeling wordt dit uitgebreid uitgelegd.
Wat gebeurt er als er niet genoeg budget is voor alle positief beoordeelde aanvragen?
Aanvragen worden na beoordeling onderverdeeld in drie categorieën: a) honoreren; b) honoreren voor zover het budget dat toelaat; c) niet honoreren. Eerst worden de aanvragen uit categorie a gehonoreerd. Als het ‘subsidieplafond’ (het budget van de discipline) ontoereikend is om vervolgens alle aanvragen uit categorie b te honoreren, worden de aanvragen in een rangorde geplaatst op basis van de scores op de verschillende criteria. Het beschikbare budget wordt volgens deze rangorde verdeeld, waarbij aanvragen worden toegewezen of gedeeltelijk toegewezen totdat het subsidieplafond is bereikt. De resterende aanvragen worden afgewezen.
Hoe worden commissies samengesteld?
De beoordeling geschiedt per vakdiscipline door een commissie van adviseurs onder leiding van een (niet meestemmende) voorzitter. De adviescommissies zijn samengesteld uit een brede pool van adviseurs. Daarbij is naast artistieke deskundigheid en een up-to-date kennis van het veld, ook expertise verankerd voor de keten van scheppen, produceren, programmeren en publieksbereik. De commissies worden de komende maanden samengesteld, op advies van een externe selectiecommissie. Adviseurs hebben gesolliciteerd op breed verspreide vacature-advertenties. Personen die een direct of indirect belang hebben bij een van de aanvragen die in de vergaderingen worden behandeld, kunnen geen zitting nemen in de commissie. Iedere adviseur tekent bij benoeming een protocol, waar ook een opgave van functies en nevenfuncties deel uitmaken.
Geeft iedere adviseur zelf punten aan iedere aanvraag?
Nee, de commissie komt in gezamenlijkheid tot de scores per aanvraag.
Worden de scores bekend gemaakt bij het advies?
Nee.
Geldt de rangorde na beoordeling voor de hele discipline (bijvoorbeeld muziek), of daarbinnen ook per genre (bijvoorbeeld klassieke muziek)?
De rangorde wordt opgesteld voor alle aanvragen binnen een discipline. Er wordt geen onderverdeling gemaakt per genre. De vertegenwoordiging van voldoende variëteit aan genres wordt gestimuleerd via het criterium pluriformiteit.
Hoe weet ik of ik in de categorie ‘klein’, ‘midden’ of ‘groot’ thuis hoor?
Voor festivals geldt een onderscheid tussen kleine/middelgrote festivals en grote festivals. Grote festivals programmeren meer dan 100 voorstellingen en duren meer dan zeven dagen. Andere festivals worden getypeerd als klein/middelgroot. Voor producerende instellingen is het uitgangspunt het podiumcircuit waar activiteiten gespeeld worden. U geeft aan hoeveel activiteiten u in de betreffende circuits uitvoert. Als eenzelfde productie in meerdere circuits speelt, gaat u uit van het circuit waarvoor ze in de eerste plaats bestemd is. Een nadere omschrijving van de circuits vindt u in de toelichting op de regeling en vanaf half december ook bij de aanvraagformulieren.
Hoe kies ik uit de verschillende basisbedragen per voorstelling of festivaleditie de goede?
Als producerende instelling moet u altijd uitgaan van het laagste bedrag dat hoort bij de betreffende categorie podia. U kunt zelf voor het middenbedrag of zelfs het hoogste bedrag kiezen als u meent dat de kosten die u moet maken voor voorbereiding of uitvoering dat rechtvaardigen. Bij voorbereidingskosten kunt u denken aan hoge repetitiekosten, kosten voor het laten schrijven van nieuwe teksten of composities, decorkosten en dergelijke. Bij de uitvoeringskosten is met name het aantal uitvoerenden van belang. U moet zich dus afvragen hoe uw voorstellingen of concerten zich qua kosten verhouden tot die van andere instellingen die in hetzelfde circuit opereren. Maakt u relatief goedkoop of juist duurder aanbod? Bedenk daarbij wel dat het Fonds uw aanvraag ook toetst op ondernemerschap en dat het aanvragen van een te hoog bedrag het risico meebrengt dat uw aanvraag op dit punt kritischer wordt beoordeeld.
Wij produceren niet voor zalen, maar voor locaties. Waar past de aanvraag dan in?
Bijzondere locaties maken deel uit van de drie podiumcircuits. Bij de keuze voor circuit klein, midden of groot, gaat u dan uit van het te verwachten bezoekersaantal.
Krijg ik altijd het bedrag dat ik aanvraag?
Nee, het eindoordeel over het subsidiebedrag ligt bij het Fonds. De adviescommissie wordt gevraagd hierover te adviseren.
Wat wordt meegerekend als uitvoering?
Alle volwaardige voorstellingen en concerten tellen mee als uitvoering. Hieronder vallen ook coproducties en schoolvoorstellingen (zowel schoolvoorstellingen in een theater als op school). Er moet sprake zijn van een (muziek)theatraal concept of choreografisch idee of een muzikale programmatische samenhang. Overige activiteiten (educatieve activiteiten, lezingen, sneak previews, uitsnedes uit voorstellingen etc.) worden niet als uitvoering meegeteld.
Als je meer dan het maximum aantal voorstellingen speelt, dien je dan een plan in voor alle voorstellingen of alleen voor de voorstellingen waarvoor je subsidie krijgt?
Dat mag de aanvrager zelf bepalen. Maar het Fonds adviseert aanvragers om te zorgen dat de aanvraag een zo goed mogelijk beeld geeft van de activiteiten van de aanvrager, dus als een aanvrager meer voorstellingen of concerten zal verzorgen dan het maximum, dan is het advies om die gewoon in de aanvraag te betrekken.
Mag je bij winstgevende projecten, zoals bijvoorbeeld reprises, toch op een basisbedrag per uitvoering rekenen om een ander project mogelijk te maken?
Ja, dat mag. Bij de beoordeling wordt gekeken naar de inkomstensamenstelling van het geheel van de activiteiten in een bepaald circuit. Daarbij mag sprake zijn van een mix van bestaande of nieuwe en verlies- of winstgevende voorstellingen of concerten.
Is het subsidiebedrag gelijk voor 2013-2014 en 2015-2016?
Ja, in principe wel. Wel geldt dat het Fonds bij de toezegging voor 2015-2016 zal toetsen of de instelling aan de gemaakte afspraken voldoet.
Hoe wordt het basisbedrag cq aantal voorstellingen beïnvloed als er sprake is van coproductie?
Voor een coproductie ontvangt u hetzelfde basisbedrag als voor andere voorstellingen in het betreffende circuit. Coproducties mogen door beide partijen meegerekend worden als volwaardige uitvoeringen.
Maakt het voor het basissubsidie of voor de beoordeling iets uit of er sprake is van een nieuwe productie of van een reprise?
Nee.
Moeten reiskosten voor buitenlandse tournees worden gesubsidieerd uit het basisbedrag?
Ja.
Waarom is het hoogste bedrag bij muziek hoger dan bij muziektheater?
Bij grootschalige concerten is de verhouding tussen voorbereidings- en uitvoeringskosten een andere dan bij de andere disciplines (waaronder ook muziektheater).
Als je als muziekinstelling jaarlijks ook een muziektheatervoorstelling doet, kan je dan rekenen met de basisbedragen van muziektheater?
Nee, u gaat uit van de sector waar u voornamelijk in actief bent. Wel kunt u, als uw activiteiten in een andere discipline een hogere kostenratio met zich mee brengen, in uw aanvraag beargumenteren waarom u voor een hoger bedrag dan het reguliere basisbedrag per voorstelling in aanmerking wilt komen.
Hoe wordt omgegaan met aanvragen voor jeugdaanbod?
Aanvragen voor jeugdaanbod worden op dezelfde wijze beoordeeld als andere aanvragen. Voor jeugdaanbod gelden ook dezelfde basisbedragen per voorstelling.
Basisbedragen bij festivals
Worden bij het vaststellen van het aantal voorstellingen of concerten per festivaleditie ook gratis voorstellingen of concerten meegerekend?
Ja, gratis voorstellingen of concerten kunnen worden meegerekend.
Mogen bij festivals ook amateurvoorstellingen meetellen als activiteiten in de programmering?
Nee.
Is het basisbedrag voor festivals een maximumbedrag?
Nee, het is een vast bedrag.
Kan je na twee jaar als festival nog van klein naar groot groeien?
Nee, de indeling in een categorie wordt in een keer gemaakt voor twee maal twee jaar, op basis van zowel de concrete voornemens voor de eerste twee jaar als de langere termijn ambities voor de daaropvolgende twee jaar.
Innovatietoeslag
Past een compositie-opdracht bij de toeslag innovatie of kan ik daarvoor apart aanvragen bij compositie?
Als onderdeel van uw werkpraktijk is dat u compositieopdrachten verstrekt dan neemt u dat op in uw aanvraag. Het Fonds beoordeelt dan of dat van belang is voor de hoogte van de subsidie. Het apart aanvragen van compositie-opdrachten blijft daarnaast mogelijk. Het Fonds zal daarbij wel toetsen in hoeverre van u verwacht mag worden dat u de opdracht uit de meerjarige subsidie betaalt.
Wat beschouwt het Fonds als 'innovatie van het aanbod'?
Innovatieve activiteiten zijn belangrijk voor hoe de podiumkunsten zich ontwikkelen. Het Fonds kan en wil daar niet sturend in zijn. In de regeling wordt daarom bewust niet gedetailleerd omschreven wat 'innovatie van het aanbod' is.
In de toelichting van de regeling worden als voornaamste voorbeelden van mogelijke innovatieve activiteiten genoemd het presenteren van nieuw repertoire en het ondersteunen van nieuwe makers. Deze activiteiten leiden echter niet automatisch tot een toeslag: het Fonds zal de aanvraag ook op dit onderdeel beoordelen aan de hand van de criteria. Daarbij wordt er steeds gekeken of er effecten zijn die het belang van de instelling overstijgen.
Andere vormen van innovatie van het aanbod zou kunnen zijn het creëren van nieuwe combinaties van stijlen, genres, media et cetera op een manier die effect heeft op andere makers. Daarbij geldt dan dat deze nieuwe verbanden moeten leiden tot nieuwe betekenissen: 1+1=3.
Ook vernieuwing in presentatiekaders kan leiden tot innovatie van het aanbod. Het gaat dan bijvoorbeeld om activiteiten waarin de relatie met het publiek verandert door de vorm of inhoud van het werk. Of andersom: activiteiten waarvan de inhoud of vorm verandert door interactie met publiek.
Innovatie is in ieder geval niet:
educatie: activiteiten die moeten leiden tot kennis of betrokkenheid bij publiek, zonder dat de vorm of inhoud van het werk daardoor beïnvloed wordt. Dit zijn reguliere activiteiten
marketing: activiteiten die vooral gericht zijn op naamsbekendheid of vergroting van eigen publiek
nieuwe presentatievormen voor hetzelfde aanbod: hetzelfde werk zowel live spelen, als uitbrengen op cd, als streamen op internet
procesvernieuwing: verandering in maakproces die niet leiden tot zichtbare veranderingen in het aanbod
in het verlengde daarvan: (voor)onderzoek ten behoeve van producties
eigen artistieke ontwikkeling: dit wordt meegewogen in het kwaliteitsoordeel voor de basissubsidie. Voor de toeslag voor innovatie van het aanbod wordt een breder en zichtbaar effect beoogd dan vernieuwing van het eigen werk.
incidentele projecten: voor de toeslag geldt evenals voor de basissubsidie een perspectief van vier jaren, waardoor de aanvraag over meer dan een enkel project of experiment moet gaan
Drempelnormen en streefnormen: eigen en andere inkomsten
Wat wordt bedoeld met een ‘eigeninkomstenquote’?
De eigeninkomstenquote is het percentage aan eigen inkomsten ten opzichte van de totale baten. Onder eigen inkomsten wordt verstaan: het totaal van de publieksinkomsten, directe en indirecte opbrengsten en bijdragen uit private middelen.
Wat is het verschil tussen eigen en andere inkomsten?
Andere inkomsten betreffen alle inkomsten van een instelling met uitzondering van het bedrag aan subsidie van het Fonds. Eigen inkomsten maken hier deel vanuit. Onder eigen inkomsten wordt verstaan: het totaal van de publieksinkomsten, directe en indirecte opbrengsten en bijdragen uit private middelen.
Valt Europese subsidie onder eigen/andere inkomsten?
Europese subsidies zijn geen eigen inkomsten, want het betreft publiek geld. Het zijn wel andere inkomsten.
Waarom is bij verschillende basisbedragen een keuzemogelijkheid voor een norm voor eigen inkomsten respectievelijk andere inkomsten?
Het Fonds wil de afhankelijkheid van subsidie van het Fonds Podiumkunsten beperken. Dit kan worden gerealiseerd door het stellen van streefnormen voor de eigen en andere inkomsten. Hier kan een instelling aan voldoendoor meer eigen inkomsten te genereren, als door stevige matching van andere overheden of subsidiënten. Het Fonds spreekt hier geen voorkeur voor uit, om de regeling zo goed mogelijk op de gevarieerde praktijk aan te laten sluiten, maar stimuleert in algemene zin instellingen om meer inkomsten te genereren door het invoeren van streefnormen voor de eigen en andere inkomsten.
Drempelnormen en streefnormen: aantal uitvoeringen
Wat wordt meegerekend als uitvoering?
Alle volwaardige voorstellingen en concerten tellen mee als uitvoering. Hieronder vallen ook coproducties en schoolvoorstellingen (zowel schoolvoorstellingen in een theater als op school). Er moet sprake zijn van een (muziek)theatraal concept of choreografisch idee of een muzikale programmatische samenhang. Overige activiteiten (educatieve activiteiten, lezingen, sneak previews, uitsnedes uit voorstellingen etc.) worden niet als uitvoering meegeteld.
Hoe wordt het aantal voorstellingen beïnvloed als er sprake is van coproductie?
Coproducties mogen door beide partijen mogen meegerekend als volwaardige uitvoeringen.
Maakt het voor het Fonds iets uit of er sprake is van voorstellingen van een nieuwe productie of van reprise?
Nee.
Tellen filmvoorstellingen van of bij uitvoeringen mee bij het bepalen van de drempelnorm?
Nee, tenzij uit de context duidelijk blijkt dat er sprake is van een zelfstandige en volwaardige podiumkunstactiviteit.
Mogen bij festivals ook amateurvoorstellingen meetellen als activiteiten in de programmering?
Nee.
Worden bij festivals bij het vaststellen van het aantal voorstellingen of concerten per editie ook gratis voorstellingen of concerten meegerekend?
Ja, gratis voorstellingen of concerten kunnen worden meegerekend.
Mijn stichting bestaat 1 jaar; ik ben uitgestroomd uit een productiehuis. Mag ik mijn werk bij het productiehuis meetellen voor de drempelnorm?
Nee.
Verantwoording en afrekening
Wat gebeurt er als ik achteraf minder voorstellingen of voorstellingen in een kleiner circuit heb gerealiseerd dan waarvoor ik heb aangevraagd?
U moet er rekening mee houden dat de subsidiehoogte dan wordt bijgesteld naar beneden. Uitgangspunt is wat u als subsidie zou hebben gekregen als uw aanvraag een correct beeld zou hebben gegeven van wat u uiteindelijk hebt gerealiseerd.
Wat zijn de consequenties van het niet behalen van de eigen/andere inkomstennorm na twee jaar?
Een instelling moet er vanuit gaan dat dit consequenties heeft voor de continuering van zijn subsidie. Welke consequenties precies wordt tegen die tijd bekeken.
Speelt het publieksaantal een rol in de verantwoording/afrekening?
Bij de afrekening wordt getoetst of de in de plannen opgenomen voornemens zijn gerealiseerd. Daarbij wordt ook gekeken naar de publieksaantallen die zijn gerealiseerd.
Moeten de activiteiten voor 2013-2014 precies in die twee jaar zijn afgerond?
Het uitgangspunt is dat de voorstellingen de concerten waarvoor wordt aangevraagd in de periode 2013-2014 worden uitgevoerd. In bijzondere gevallen kunnen bij de tussentijdse toetsing afspraken worden gemaakt over het ‘doorschuiven’ van een deel van de activiteiten naar de tweede periode van twee jaar.
Basisinfrastructuur & huidige vierjarig gesubsidieerden bij het Fonds
Ik wil een aanvraag doen voor de Basisinfrastructuur, maar omdat het onzeker is of ik daar word gehonoreerd, wil ik ook bij het Fonds aanvragen. Hoe werkt dat?
U kunt in dat geval een aanvraag bij het Fonds indienen die voldoet aan de eisen die het Fonds daaraan stelt. U kunt dus niet dezelfde aanvraag indienen als die u bij het ministerie indient.
Krijgen podiumkunstinstellingen die nu in de zitten maar daar niet kunnen blijven, automatisch subsidie van het Fonds?
Nee.
Heeft mijn instelling meer kans omdat ze nu al vierjarige subsidie van het Fonds ontvangt?
Nee,dit heeft geen invloed op uw kansen.
Klopt het dat het maximale bedrag dat ik kan aanvragen veel lager is dan wat ik nu ontvang, en waarom is dat?
Dat verschilt van geval tot geval. Voor sommige instellingen geldt inderdaad dat zij in de nieuwe situatie minder kunnen aanvragen dan zij tot nu toe ontvingen. Dat hangt samen met het beperkte budget dat het Fonds tot zijn beschikking heeft.
Beleid en het ‘waarom’ van de regeling
Waarom worden er vaste subsidiebedragen gekoppeld aan het aantal voorstellingen of concerten?
Het Fonds streeft naar een zo eerlijk en doelmatig mogelijke besteding van middelen en een zo groot mogelijke transparantie. Instellingen met activiteiten die vergelijkbaar zijn in aard en aantal, staat door het systeem van basisbedragen per voorstelling, een vergelijkbaar subsidiebedrag ter beschikking. De koppeling aan het aantal uitvoeringen is ook een stimulans voor een betere aansluiting tussen vraag en aanbod in de podiumkunsten, voor ondernemerschap en het verwerven van eigen inkomsten.
Waarom zijn er drempelnormen om een aanvraag te kunnen indienen?
Het budget voor meerjarige subsidies is sterk gekrompen, terwijl er meer aanvragen bij het Fonds zullen binnenkomen. Het budget willen we daarom inzetten voor instellingen die al bewezen hebben in de basis bedrijfsmatig te kunnen werken. Voor instellingen die nog niet zo ver zijn is een projectsubsidie meer aangewezen. De drempelnormen zijn gebaseerd op de praktijk en prestaties van de huidige door het Fonds meerjarig gesubsidieerde instellingen. Het zwaartepunt van de selectie vindt overigens nog steeds daarna plaats via de beoordeling in de adviescommissies.
Hoe zijn de budgetten per discipline bepaald? Waarom zijn niet alle budgetten evenveel verlaagd?
Op het Fonds wordt 29% bezuinigd. Omdat de projectenbudgetten grotendeels en de programmeringsbudgetten voor een klein gedeelte worden ontzien, daalt het budget voor meerjarige subsidies niet met 29 maar met circa 38%. Voor de verdeling tussen de disciplines is de verdeling uit de periode 2009-2012 het uitgangspunt. De staatssecretaris heeft een correctie op die verdeling mogelijk gemaakt op basis van de gewijzigde invulling van de Basisinfrastructuur. De gedachte daarachter is dat het Fonds de budgetten ophoogt van die sectoren waarin de pluriformiteit van kleinschalig en middelgroot aanbod in de Basisinfrastructuur het meest wordt aangetast en dit ten laste laat komen van sectoren die minder worden aangetast. Een volledige doorvoering van een dergelijke correctie levert echter extreme verschillen op. Op sectoren waarin de pluriformiteit toch al bijna geheel bij het Fonds was geborgd, zoals muziek en muziektheater, zou dan excessief moeten worden bezuinigd, zelfs oplopend tot boven de 50%. Daarom hebben we de staatssecretaris voorgesteld de veranderingen in de Basisinfrastructuur slechts voor een gedeelte te laten meetellen. Ook hebben we een ondergrens van 2 miljoen per discipline voorgesteld om in iedere sector een werkbaar budget te garanderen. De middelen die voor deze ondergrens (bij de sector muziektheater) nodig zijn komen ten laste van het projectenbudget. Die voorstellen zijn overgenomen.
Waarom worden het projecten- en programmeringsbudget ontzien en is er voor gekozen om relatief meer te korten op de meerjarige regeling?
Het projectenbudget wordt grotendeels ontzien om te voorkomen dat de bezuinigingen het bestel op slot zetten voor nieuwe ontwikkelingen en experimenten. Het projectenbudget was al een relatief klein deel van het fondsbudget, dat zwaar werd overvraagd. Met de scherpe keuzes die moeten worden gemaakt voor de meerjarige activiteitensubsidies, zal er nog meer druk op het projectenbudget ontstaan. Ook de relatief geringe programmeringsbudgetten worden (voor een kleiner gedeelte) ontzien, omdat dit het enige instrument is dat het Fonds tot haar beschikking heeft om de podia en festivals te stimuleren het kwaliteitsaanbod ook daadwerkelijk te programmeren. Het is ook het belangrijkste instrument dat het Fonds heeft om de Nederlandse popmuziek te ondersteunen.
Frictiekosten
Wat is bekend over frictiegelden?
Het Fonds is hierover nog in overleg met de staatssecretaris van Cultuur.
MEERJARIGE ACTIVITEITENSUBSIDIE VOOR FESTIVALS EN CONCOURSEN 2013-2016
Praktisch: aanvraag indienen, deadlines
Vanaf wanneer en waar kan ik de aanvraagformulieren verkrijgen?
De aanvraagformulieren zijn vanaf 15 december te downloaden op de website van het Fonds. U dient uw aanvraag digitaal in.
Wanneer moet ik mijn aanvraag indienen?
De aanvraag voor de periode 2013-2014 moet uiterlijk 1 maart 2012 om 17.00 uur zijn ontvangen door het Fonds. De vervolgaanvraag voor de periode 2015-2016 moet uiterlijk 1 mei 2014 om 17.00 uur zijn ontvangen.
Wanneer is bekend of mijn aanvraag wordt gehonoreerd?
Het besluit voor de periode 2013-2014 wordt uiterlijk op 1 augustus 2012 bekend gemaakt.
Waar kan ik terecht als ik nog vragen heb?
U kunt contact opnemen met de secretaris van het team waar uw aanvraag betrekking op heeft: muziek, theater, dans, muziektheater of festivals of met de helpdesk. De contactgegevens kunt u vinden op onze website.
Het type regeling
Betreft het een twee- of een vierjarige subsidie?
Het betreft een subsidie voor twee jaar, met de mogelijkheid tot een verlenging van twee jaar. Het perspectief is dus vier jaar. Er is maar één keer in de vier jaar een aanvraagronde. Een instelling dient een aanvraag in die concrete plannen bevat voor de activiteiten in de periode 2013-2014, die ook past binnen een lange termijnvisie die over deze jaren heengaat en ook als basis kan dienen voor het activiteitenplan 2015-2016. In het tweede jaar vindt een toets plaats. Dan wordt nagegaan of de afspraken die Fonds en instelling hebben gemaakt zijn nagekomen. De instelling dient dan ook een nieuwe aanvraag in met uitgewerkte voornemens voor 2015-2016. Als de toets gehaald wordt, worden de afspraken voor 2015-2016 vastgesteld.
Wat is het verschil tussen deze regeling en vierjarige subsidie 2009-2012?
De belangrijkste verschillen zijn:
de nieuwe regeling is geen exploitatiesubsidie, maar een activiteitensubsidie op grond van basisbedragen per voorstelling; er wordt een maximum aantal activiteiten ondersteund;
in de beoordeling spelen de criteria kwaliteit, ondernemerschap, pluriformiteit en spreiding een gelijkwaardiger rol; bij de beoordeling wordt gebruik gemaakt van een puntensysteem.
Wat is voor festivals het verschil tussen deze regeling en de tweejarige programmeringsregeling van het Fonds?
De regeling meerjarige activiteitensubsidies richt zich met name op festivals die een bijzondere betekenis hebben voor de ontwikkeling van de podiumkunsten. Dit in tegenstelling tot de tweejarige programmeringsregeling, waar dit aspect minder zwaar weegt en het accent meer ligt op de presentatiefunctie. Er zal ook maar een (heel) beperkt aantal festivals een meerjarige subsidie ontvangen, terwijl er binnen de tweejarige regeling ruimte is voor een veel groter aantal festivals.
Zijn er ook nog tweejarige projectsubsidies?
Nee. De tweejarige projectsubsidies vervallen. Er blijft wel een regeling voor enkelvoudige projectsubsidies bestaan.
Ik heb activiteiten die min of meer gelijkwaardig zijn verdeeld over verschillende disciplines. Hoe en waar vraag ik aan?
U dient aan te vragen bij de discipline waarbinnen in uw praktijk de nadruk ligt. Als er sprake is van activiteiten in verschillende disciplines die ook los van elkaar staan, kunt u los aanvragen. U moet dan wel kunnen aantonen dat u aan de drempelnormen voldoet met betrekking tot de activiteiten in de betreffende discipline.
Toelating tot de regeling
Kan een nieuwe organisatie ook subsidie aanvragen?
Een net opgerichte organisatie die in die hoedanigheid nog geen activiteiten heeft verricht kan niet aanvragen. Een producerende instelling die pas kort bestaat, maar aan de drempelnormen voldoet, kan wel aanvragen. Leidend daarbij zijn de activiteiten van de betreffende organisatie. Activiteiten in het verleden van een of meer van de betrokkenen bij een andere organisatie, worden niet meegerekend. Voor festivals geldt dat er minimaal drie edities moeten zijn gerealiseerd.
Ik heb van 2009 t/m 2011 niet, of niet in alle jaren, 20 % eigen inkomsten behaald. Kan ik aanvragen?
De drempelnorm voor eigen inkomsten betreft het gemiddelde over drie jaar. U hoeft niet in ieder afzonderlijk jaar de 20% te hebben behaald als daar een hoger eigeninkomstenquote in andere jaren tegenover staat. Een festival moet in elk geval aan dit gemiddelde voldoen. Voor een producerende instelling geldt het volgende: als u als producerende instelling gemiddeld niet aan 20% komt, maar wel aan de andere drempelnorm van gemiddeld 40 of meer uitvoeringen per kalenderjaar voldoet, kunt u bij wijze van uitzondering toch aanvragen als u aannemelijk weet te maken dat u vanaf 2013 de eigeninkomstenquote wel zult behalen. De aanvraag wordt daar expliciet op getoetst.
Ik heb van 2009 t/m 2011 niet, of niet in alle jaren, 40 uitvoeringen per jaar gerealiseerd. Kan ik toch aanvragen?
De drempelnorm (voor producerende instellingen) voor het aantal uitvoeringen per jaar betreft het gemiddelde over drie jaar. U hoeft niet in ieder afzonderlijk jaar 40 uitvoeringen te hebben gerealiseerd. Ook wanneer u bijvoorbeeld 40 uitvoeringen in 2009, 30 in 2010 en 50 in 2011 hebt gerealiseerd, voldoet u aan de norm. Wanneer u gemiddeld minder dan 40 uitvoeringen per jaar realiseerde, maar wel aan de andere drempelnorm van 20% eigen inkomsten voldoet, kunt u bij wijze van uitzondering toch aanvragen als u aannemelijk kunt maken dat u vanaf 2013 wel gemiddeld 40 uitvoeringen per jaar zult realiseren. De aanvraag wordt daar expliciet op getoetst.
Kunnen productiehuizen nog subsidie aanvragen?
De meerjarige regeling biedt geen aparte mogelijkheden voor productiehuizen als talentontwikkelaar, maar staat open voor alle producenten met een kernactiviteit die bestaat uit het organiseren van voorstellingen of concerten op het terrein van de professionele podiumkunsten, met een herkenbaar artistiek signatuur. Aanvragen van productiehuizen die daaraan voldoen worden gewoon in behandeling genomen.
Mijn organisatie is gespecialiseerd in amateurkunst, talentontwikkeling of kunsteducatie. Kan ik meerjarige activiteitensubsidie aanvragen?
Nee, de meerjarige regeling richt zich op organisatie met als kernactiviteit het organiseren van voorstellingen of concerten op het terrein van de professionele podiumkunsten.
Ik vraag aan voor een festival. In het geval die aanvraag niet wordt gehonoreerd, wil ik ook aanvragen voor de tweejarige programmeringsregeling festivals. Kan dat?
Ja, dat kan.
Combinatie met andere subsidies van het Fonds Podiumkunsten, OCW of het Fonds voor Cultuurparticipatie
Kan je bij een combinatie van professionele en amateurvoorstellingen bij zowel het Fonds Podiumkunsten als het Fonds voor Cultuurparticipatie aanvragen?
Het is niet mogelijk om van beide fondsen meerjarige activiteitensubsidie te ontvangen. Wanneer u meerjarige subsidie van een van de fondsen ontvangt, is het ook niet mogelijk om daarnaast projectsubsidie bij het andere fonds aan te vragen. Wel kunt u bij beide fondsen een aanvraag voor uw integrale activiteitenplan indienen, wanneer u niet zeker bent bij welk fonds uw aanvraag het beste past. We adviseren u dan vooraf contact op te nemen met medewerkers van beide fondsen.
Kan een gezelschap dat meerjarige activiteitensubsidie van het Fonds ontvangt daarnaast nog aanspraak maken op projectsubsidie, subsidie voor internationalisering of voor compositie-opdrachten?
Het uitgangspunt is dat alle activiteiten worden opgenomen in het plan waarvoor meerjarige subsidie wordt aangevraagd. Er kan daarnaast geen projectsubsidie worden aangevraagd. In bepaalde gevallen blijft het mogelijk een subsidie voor internationalisering of een compositie-opdracht aan te vragen, mits deze activiteiten overduidelijk los staan van het meerjarenplan.
Past een compositie-opdracht bij de toeslag innovatie? Of kan ik daarvoor apart aanvragen bij compositie?
Als onderdeel van uw werkpraktijk is dat u compositieopdrachten verstrekt dan neemt u dat op in uw aanvraag. Het Fonds beoordeelt dan of dat van belang is voor de hoogte van het subsidie en of er aanleiding is in dat verband een innovatietoeslag toe te kennen. Het apart aanvragen van compositie-opdrachten blijft daarnaast mogelijk. Het Fonds zal daarbij wel toetsen in hoeverre van u verwacht mag worden dat u de opdracht uit de meerjarige subsidie betaalt.
Als ik straks gesubsidieerd word in de Basisinfrastructuur, kan ik dan ook nog subsidie bij het Fonds aanvragen voor projecten, compositie-opdrachten of internationalisering?
Voor projecten en internationalisering kunt u dan geen subsidie meer aanvragen bij het Fonds Podiumkunsten. In bepaalde gevallen kunt u voor compositie-opdrachten nog wel voor ondersteuning in aanmerking komen als deze overduidelijk los staan van uw meerjarenplan voor de Basisinfrastructuur.
Als mijn aanvraag voor meerjarige activiteitensubsidie wordt afgewezen, sluit dan het projectenloket?
Nee, u kunt dan nog steeds aanvragen voor projecten indienen.
Hoe weet ik welk subsidiebedrag redelijk is voor een coproductie?
Het subsidiebedrag dat geldt voor een coproductie wordt per producent vastgesteld op basis van de inbreng van die betreffende partner. Het gaat dus niet om de kosten voor de totale productie, maar om de kosten die de aanvrager maakt voor zijn aandeel in de productie.
Wanneer is er sprake van een coproductie?
Een coproductie is een productie waarbij sprake is van een gedeelde artistieke en productionele verantwoordelijkheid. Dit moet ook blijken uit de manier waarop de coproductie wordt gepresenteerd; de namen van de coproducenten moeten bijvoorbeeld op de affiches staan. De verdeling van kosten en inkomsten mag onderling worden afgesproken en hoeft dus niet 50/50 te zijn (bij twee partners).
Het is van belang in de aanvraag goed te beschrijven hoe een coproductie tot stand gaat komen (artistiek, productioneel en zakelijk). Coproducenten mogen alle voorstellingen als prestaties meetellen (dus ieder voor 100%), de opbrengsten moeten worden verdeeld over de coproducerende partners (dus ieder voor het eigen aandeel).
Wanneer heeft mijn aanvraag kwaliteit?
Bij het toetsen van de artistieke kwaliteit gaat het om drie kernbegrippen: vakmanschap, oorspronkelijkheid en zeggingskracht. Een omschrijving hiervan is te vinden in de toelichting op de regeling in de paragraaf ‘criteria’.
Wat wordt bedoeld met pluriformiteit?
Bij het criterium pluriformiteit wordt de aanvraag afgezet tegen dat wat er verder in Nederland gebeurt. In hoeverre leveren de voorstellingen of concerten, of de activiteiten tijdens een festival, een interessante bijdrage aan wat er verder wordt gemaakt en getoond? Het gaat hierbij niet alleen om het genre, maar kan ook gaan om bijvoorbeeld een nieuwe presentatievorm. Bij de beoordeling wordt het aanbod bekeken in relatie tot andere aanvragers bij het Fonds, instellingen in de Basisinfrastructuur en instellingen buiten de gesubsidieerde podiumkunsten. Zie voor meer uitleg de toelichting op de regeling in de paragraaf ‘criteria’.
Wat wordt bedoeld met ondernemerschap?
Ondernemerschap kent een aantal aspecten: ten eerste de wijze waarop de aanvrager zijn publiek benadert, bereikt en ontwikkelt, ten tweede de wijze waarop de aanvrager andere inkomsten dan overheidssubsidie verwerft; ten derde een deugdelijke bedrijfsvoering die past bij de voorgenomen prestaties. Voor een uitgebreide omschrijving, zie de toelichting op de regeling in paragraaf ‘criteria’.
Speelt het publieksaantal of de bezettingsgraad een rol in de beoordeling?
Niet direct, maar er wordt op verschillende wijzen gekeken naar dit punt. Zo speelt dit indirect een rol bij het beoordelen van de hoogte van de eigen inkomsten en komt dit aspect ook aan de orde in het kader van het ondernemerschap bij de beoordeling van de publieksopbouw en de publieksontwikkeling.
In welke mate bemoeit het Fonds zich met de bedrijfsvoering?
Het Fonds bemoeit zich niet direct met de bedrijfsvoering. Het is aan een instelling zelf hoe bijvoorbeeld de organisatie is ingericht en hoe hoog salarissen en overhead zijn. Wel wordt van instellingen verwacht dat hun bedrijfsvoering professioneel is en dat zij de Code Cultural Governance naleven. Bij de beoordeling van ondernemerschap wordt hiernaar gekeken.
Komt er een maximering aan de salarissen?
Het Fonds bemoeit zich niet met de salarishoogte.
Wanneer scoor ik goed op geografische spreiding?
Bij het criterium spreiding bekijkt de commissie primair de plaats waar de activiteiten in Nederland plaatsvinden. Naast de spreiding van uitvoeringen wordt ook gekeken naar de plaats waar een instelling is gevestigd en daadwerkelijk werkt. Er wordt een oordeel gegeven in relatie tot andere aanvragers en andere partijen (gesubsidieerd en niet gesubsidieerd). Er wordt ook rekening gehouden met het landschap van instellingen binnen de Basisinfrastructuur.
Is spreiding van speelbeurten belangrijker dan de vestigingsplaats?
Nee, deze spelen een gelijkwaardige rol in de beoordeling.
Ik vraag ook subsidie aan bij de gemeente of provincie. De uitslag daarvan komt niet gelijk met die van het Fonds. Hoe beoordeelt het Fonds of een instelling ook financiering ontvangt van gemeente of provincie, als de uitslag nog niet bekend is?
Op het moment van besluitvorming zijn de voornemens van de lokale en regionale overheden als het goed is in grote lijnen bekend. Het Fonds overlegt met de betreffende overheden over die voornemens. Op basis daarvan beslist het Fonds. Als uiteindelijk blijkt dat een verwachte bijdrage van een lagere overheid niet definitief wordt toegezegd kan het Fonds zijn beslissing herzien.
Wat als een lagere overheid geen geld maar faciliteiten beschikbaar stelt, telt dat dan ook mee? (matching in natura)
Ja, dat telt mee, maar kapitaliseren kan uitsluitend wanneer u dit ook in de jaarrekening doet of gaat doen. Dat betekent dat er aan deze matching in natura ook facturen ten grondslag moeten liggen.
Hoe wordt omgegaan met aanvragen voor jeugdaanbod?
Aanvragen voor jeugdaanbod worden op dezelfde wijze beoordeeld als andere aanvragen. De bijdrage die een aanvrager levert aan de pluriformiteit van de podiumkunsten is daarbij een van de beoordelingscriteria. Dat criterium heeft tot doel ruimte te bieden aan een variëteit aan genres en subgenres, inclusief aanbod voor de jeugd. Voor jeugdaanbod gelden dezelfde basisbedragen per voorstelling.
Mag een financiële bijdrage van een lokale of regionale overheid ook uit een ander lokaal of regionaal budget komen dan die specifiek voor kunst en cultuur?
Ja. Het gaat om een structurele bijdrage, dus de bijdrage moet toegekend worden voor meer dan één project of één editie van een festival of concours, maar het maakt niet uit van welke afdeling dit geld afkomstig is, zolang het maar om publiek geld gaat. Ook structurele bijdragen die via een gemeentelijk of provinciaal fonds verstrekt worden vallen hier dus onder.
Beoordelingsprocedure & commissies
Bij de beoordeling wordt er gewerkt met ‘scores’. Hoe gaat dat in zijn werk?
Per criterium wordt een cijfer toegekend. Het totaal van de cijfers per criterium bepaalt de behaalde score. In de toelichting op de regeling wordt dit uitgebreid uitgelegd.
Wat gebeurt er als er niet genoeg budget is voor alle positief beoordeelde aanvragen?
Aanvragen worden na beoordeling onderverdeeld in drie categorieën: a) honoreren; b) honoreren voor zover het budget dat toelaat; c) niet honoreren. Eerst worden de aanvragen uit categorie a gehonoreerd. Als het ‘subsidieplafond’ (het budget van de discipline) ontoereikend is om vervolgens alle aanvragen uit categorie b te honoreren, worden de aanvragen in een rangorde geplaatst op basis van de scores op de verschillende criteria. Het beschikbare budget wordt volgens deze rangorde verdeeld, waarbij aanvragen worden toegewezen of gedeeltelijk toegewezen totdat het subsidieplafond is bereikt. De resterende aanvragen worden afgewezen.
Hoe worden commissies samengesteld?
De beoordeling geschiedt per vakdiscipline door een commissie van adviseurs onder leiding van een (niet meestemmende) voorzitter. De adviescommissies zijn samengesteld uit een brede pool van adviseurs. Daarbij is naast artistieke deskundigheid en een up-to-date kennis van het veld, ook expertise verankerd voor de keten van scheppen, produceren, programmeren en publieksbereik. De commissies worden de komende maanden samengesteld, op advies van een externe selectiecommissie. Adviseurs hebben gesolliciteerd op breed verspreide vacature-advertenties. Personen die een direct of indirect belang hebben bij een van de aanvragen die in de vergaderingen worden behandeld, kunnen geen zitting nemen in de commissie. Iedere adviseur tekent bij benoeming een protocol, waar ook een opgave van functies en nevenfuncties deel uitmaken.
Geeft iedere adviseur zelf punten aan iedere aanvraag?
Nee, de commissie komt in gezamenlijkheid tot de scores per aanvraag.
Worden de scores bekend gemaakt bij het advies?
Nee.
Geldt de rangorde na beoordeling voor de hele discipline (bijvoorbeeld muziek), of daarbinnen ook per genre (bijvoorbeeld klassieke muziek)?
De rangorde wordt opgesteld voor alle aanvragen binnen een discipline. Er wordt geen onderverdeling gemaakt per genre. De vertegenwoordiging van voldoende variëteit aan genres wordt gestimuleerd via het criterium pluriformiteit.
Hoe weet ik of ik in de categorie ‘klein’, ‘midden’ of ‘groot’ thuis hoor?
Voor festivals geldt een onderscheid tussen kleine/middelgrote festivals en grote festivals. Grote festivals programmeren meer dan 100 voorstellingen en duren meer dan zeven dagen. Andere festivals worden getypeerd als klein/middelgroot. Voor producerende instellingen is het uitgangspunt het podiumcircuit waar activiteiten gespeeld worden. U geeft aan hoeveel activiteiten u in de betreffende circuits uitvoert. Als eenzelfde productie in meerdere circuits speelt, gaat u uit van het circuit waarvoor ze in de eerste plaats bestemd is. Een nadere omschrijving van de circuits vindt u in de toelichting op de regeling en vanaf half december ook bij de aanvraagformulieren.
Hoe kies ik uit de verschillende basisbedragen per voorstelling of festivaleditie de goede?
Als producerende instelling moet u altijd uitgaan van het laagste bedrag dat hoort bij de betreffende categorie podia. U kunt zelf voor het middenbedrag of zelfs het hoogste bedrag kiezen als u meent dat de kosten die u moet maken voor voorbereiding of uitvoering dat rechtvaardigen. Bij voorbereidingskosten kunt u denken aan hoge repetitiekosten, kosten voor het laten schrijven van nieuwe teksten of composities, decorkosten en dergelijke. Bij de uitvoeringskosten is met name het aantal uitvoerenden van belang. U moet zich dus afvragen hoe uw voorstellingen of concerten zich qua kosten verhouden tot die van andere instellingen die in hetzelfde circuit opereren. Maakt u relatief goedkoop of juist duurder aanbod? Bedenk daarbij wel dat het Fonds uw aanvraag ook toetst op ondernemerschap en dat het aanvragen van een te hoog bedrag het risico meebrengt dat uw aanvraag op dit punt kritischer wordt beoordeeld.
Wij produceren niet voor zalen, maar voor locaties. Waar past de aanvraag dan in?
Bijzondere locaties maken deel uit van de drie podiumcircuits. Bij de keuze voor circuit klein, midden of groot, gaat u dan uit van het te verwachten bezoekersaantal.
Krijg ik altijd het bedrag dat ik aanvraag?
Nee, het eindoordeel over het subsidiebedrag ligt bij het Fonds. De adviescommissie wordt gevraagd hierover te adviseren.
Wat wordt meegerekend als uitvoering?
Alle volwaardige voorstellingen en concerten tellen mee als uitvoering. Hieronder vallen ook coproducties en schoolvoorstellingen (zowel schoolvoorstellingen in een theater als op school). Er moet sprake zijn van een (muziek)theatraal concept of choreografisch idee of een muzikale programmatische samenhang. Overige activiteiten (educatieve activiteiten, lezingen, sneak previews, uitsnedes uit voorstellingen etc.) worden niet als uitvoering meegeteld.
Als je meer dan het maximum aantal voorstellingen speelt, dien je dan een plan in voor alle voorstellingen of alleen voor de voorstellingen waarvoor je subsidie krijgt?
Dat mag de aanvrager zelf bepalen. Maar het Fonds adviseert aanvragers om te zorgen dat de aanvraag een zo goed mogelijk beeld geeft van de activiteiten van de aanvrager, dus als een aanvrager meer voorstellingen of concerten zal verzorgen dan het maximum, dan is het advies om die gewoon in de aanvraag te betrekken.
Mag je bij winstgevende projecten, zoals bijvoorbeeld reprises, toch op een basisbedrag per uitvoering rekenen om een ander project mogelijk te maken?
Ja, dat mag. Bij de beoordeling wordt gekeken naar de inkomstensamenstelling van het geheel van de activiteiten in een bepaald circuit. Daarbij mag sprake zijn van een mix van bestaande of nieuwe en verlies- of winstgevende voorstellingen of concerten.
Is het subsidiebedrag gelijk voor 2013-2014 en 2015-2016?
Ja, in principe wel. Wel geldt dat het Fonds bij de toezegging voor 2015-2016 zal toetsen of de instelling aan de gemaakte afspraken voldoet.
Hoe wordt het basisbedrag cq aantal voorstellingen beïnvloed als er sprake is van coproductie?
Voor een coproductie ontvangt u hetzelfde basisbedrag als voor andere voorstellingen in het betreffende circuit. Coproducties mogen door beide partijen meegerekend worden als volwaardige uitvoeringen.
Maakt het voor het basissubsidie of voor de beoordeling iets uit of er sprake is van een nieuwe productie of van een reprise?
Nee.
Moeten reiskosten voor buitenlandse tournees worden gesubsidieerd uit het basisbedrag?
Ja.
Waarom is het hoogste bedrag bij muziek hoger dan bij muziektheater?
Bij grootschalige concerten is de verhouding tussen voorbereidings- en uitvoeringskosten een andere dan bij de andere disciplines (waaronder ook muziektheater).
Als je als muziekinstelling jaarlijks ook een muziektheatervoorstelling doet, kan je dan rekenen met de basisbedragen van muziektheater?
Nee, u gaat uit van de sector waar u voornamelijk in actief bent. Wel kunt u, als uw activiteiten in een andere discipline een hogere kostenratio met zich mee brengen, in uw aanvraag beargumenteren waarom u voor een hoger bedrag dan het reguliere basisbedrag per voorstelling in aanmerking wilt komen.
Hoe wordt omgegaan met aanvragen voor jeugdaanbod?
Aanvragen voor jeugdaanbod worden op dezelfde wijze beoordeeld als andere aanvragen. Voor jeugdaanbod gelden ook dezelfde basisbedragen per voorstelling.
Basisbedragen bij festivals
Worden bij het vaststellen van het aantal voorstellingen of concerten per festivaleditie ook gratis voorstellingen of concerten meegerekend?
Ja, gratis voorstellingen of concerten kunnen worden meegerekend.
Mogen bij festivals ook amateurvoorstellingen meetellen als activiteiten in de programmering?
Nee.
Is het basisbedrag voor festivals een maximumbedrag?
Nee, het is een vast bedrag.
Kan je na twee jaar als festival nog van klein naar groot groeien?
Nee, de indeling in een categorie wordt in een keer gemaakt voor twee maal twee jaar, op basis van zowel de concrete voornemens voor de eerste twee jaar als de langere termijn ambities voor de daaropvolgende twee jaar.
Innovatietoeslag
Past een compositie-opdracht bij de toeslag innovatie? Of kan ik daarvoor apart aanvragen bij compositie?
Als onderdeel van uw werkpraktijk is dat u compositieopdrachten verstrekt dan neemt u dat op in uw aanvraag. Het Fonds beoordeelt dan of dat van belang is voor de hoogte van de subsidie. Het apart aanvragen van compositie-opdrachten blijft daarnaast mogelijk. Het Fonds zal daarbij wel toetsen in hoeverre van u verwacht mag worden dat u de opdracht uit de meerjarige subsidie betaalt.
Wat beschouwt het Fonds als 'innovatie van het aanbod'?
Innovatieve activiteiten zijn belangrijk voor hoe de podiumkunsten zich ontwikkelen. Het Fonds kan en wil daar niet sturend in zijn. In de regeling wordt daarom bewust niet gedetailleerd omschreven wat 'innovatie van het aanbod' is.
In de toelichting van de regeling worden als voornaamste voorbeelden van mogelijke innovatieve activiteiten genoemd het presenteren van nieuw repertoire en het ondersteunen van nieuwe makers. Deze activiteiten leiden echter niet automatisch tot een toeslag: het Fonds zal de aanvraag ook op dit onderdeel beoordelen aan de hand van de criteria. Daarbij wordt er steeds gekeken of er effecten zijn die het belang van de instelling overstijgen.
Andere vormen van innovatie van het aanbod zou kunnen zijn het creëren van nieuwe combinaties van stijlen, genres, media et cetera op een manier die effect heeft op andere makers. Daarbij geldt dan dat deze nieuwe verbanden moeten leiden tot nieuwe betekenissen: 1+1=3.
Ook vernieuwing in presentatiekaders kan leiden tot innovatie van het aanbod. Het gaat dan bijvoorbeeld om activiteiten waarin de relatie met het publiek verandert door de vorm of inhoud van het werk. Of andersom: activiteiten waarvan de inhoud of vorm verandert door interactie met publiek.
Innovatie is in ieder geval niet:
educatie: activiteiten die moeten leiden tot kennis of betrokkenheid bij publiek, zonder dat de vorm of inhoud van het werk daardoor beïnvloed wordt. Dit zijn reguliere activiteiten
marketing: activiteiten die vooral gericht zijn op naamsbekendheid of vergroting van eigen publiek
nieuwe presentatievormen voor hetzelfde aanbod: hetzelfde werk zowel live spelen, als uitbrengen op cd, als streamen op internet
procesvernieuwing: verandering in maakproces die niet leiden tot zichtbare veranderingen in het aanbod
in het verlengde daarvan: (voor)onderzoek ten behoeve van producties
eigen artistieke ontwikkeling: dit wordt meegewogen in het kwaliteitsoordeel voor de basissubsidie. Voor de toeslag voor innovatie van het aanbod wordt een breder en zichtbaar effect beoogd dan vernieuwing van het eigen werk.
incidentele projecten: voor de toeslag geldt evenals voor de basissubsidie een perspectief van vier jaren, waardoor de aanvraag over meer dan een enkel project of experiment moet gaan
Drempelnormen en streefnormen: eigen en andere inkomsten
Wat wordt bedoeld met een ‘eigeninkomstenquote’?
De eigeninkomstenquote is het percentage aan eigen inkomsten ten opzichte van de totale baten. Onder eigen inkomsten wordt verstaan: het totaal van de publieksinkomsten, directe en indirecte opbrengsten en bijdragen uit private middelen.
Wat is het verschil tussen eigen en andere inkomsten?
Andere inkomsten betreffen alle inkomsten van een instelling met uitzondering van het bedrag aan subsidie van het Fonds. Eigen inkomsten maken hier deel vanuit. Onder eigen inkomsten wordt verstaan: het totaal van de publieksinkomsten, directe en indirecte opbrengsten en bijdragen uit private middelen.
Valt Europese subsidie onder eigen/andere inkomsten?
Europese subsidies zijn geen eigen inkomsten, want het betreft publiek geld. Het zijn wel andere inkomsten.
Waarom is bij verschillende basisbedragen een keuzemogelijkheid voor een norm voor eigen inkomsten respectievelijk andere inkomsten?
Het Fonds wil de afhankelijkheid van subsidie van het Fonds Podiumkunsten beperken. Dit kan worden gerealiseerd door het stellen van streefnormen voor de eigen en andere inkomsten. Hier kan een instelling aan voldoendoor meer eigen inkomsten te genereren, als door stevige matching van andere overheden of subsidiënten. Het Fonds spreekt hier geen voorkeur voor uit, om de regeling zo goed mogelijk op de gevarieerde praktijk aan te laten sluiten, maar stimuleert in algemene zin instellingen om meer inkomsten te genereren door het invoeren van streefnormen voor de eigen en andere inkomsten.
Drempelnormen en streefnormen: aantal uitvoeringen
Wat wordt meegerekend als uitvoering?
Alle volwaardige voorstellingen en concerten tellen mee als uitvoering. Hieronder vallen ook coproducties en schoolvoorstellingen (zowel schoolvoorstellingen in een theater als op school). Er moet sprake zijn van een (muziek)theatraal concept of choreografisch idee of een muzikale programmatische samenhang. Overige activiteiten (educatieve activiteiten, lezingen, sneak previews, uitsnedes uit voorstellingen etc.) worden niet als uitvoering meegeteld.
Hoe wordt het aantal voorstellingen beïnvloed als er sprake is van coproductie?
Coproducties mogen door beide partijen mogen meegerekend als volwaardige uitvoeringen.
Maakt het voor het Fonds iets uit of er sprake is van voorstellingen van een nieuwe productie of van reprise?
Nee.
Tellen filmvoorstellingen van of bij uitvoeringen mee bij het bepalen van de drempelnorm?
Nee, tenzij uit de context duidelijk blijkt dat er sprake is van een zelfstandige en volwaardige podiumkunstactiviteit.
Mogen bij festivals ook amateurvoorstellingen meetellen als activiteiten in de programmering?
Nee.
Worden bij festivals bij het vaststellen van het aantal voorstellingen of concerten per editie ook gratis voorstellingen of concerten meegerekend?
Ja, gratis voorstellingen of concerten kunnen worden meegerekend.
Mijn stichting bestaat 1 jaar; ik ben uitgestroomd uit een productiehuis. Mag ik mijn werk bij het productiehuis meetellen voor de drempelnorm?
Nee.
Verantwoording en afrekening
Wat gebeurt er als ik achteraf minder voorstellingen of voorstellingen in een kleiner circuit heb gerealiseerd dan waarvoor ik heb aangevraagd?
U moet er rekening mee houden dat de subsidiehoogte dan wordt bijgesteld naar beneden. Uitgangspunt is wat u als subsidie zou hebben gekregen als uw aanvraag een correct beeld zou hebben gegeven van wat u uiteindelijk hebt gerealiseerd.
Wat zijn de consequenties van het niet behalen van de eigen/andere inkomstennorm na twee jaar?
Een instelling moet er vanuit gaan dat dit consequenties heeft voor de continuering van zijn subsidie. Welke consequenties precies wordt tegen die tijd bekeken.
Speelt het publieksaantal een rol in de verantwoording/afrekening?
Bij de afrekening wordt getoetst of de in de plannen opgenomen voornemens zijn gerealiseerd. Daarbij wordt ook gekeken naar de publieksaantallen die zijn gerealiseerd.
Moeten de activiteiten voor 2013-2014 precies in die twee jaar zijn afgerond?
Het uitgangspunt is dat de voorstellingen de concerten waarvoor wordt aangevraagd in de periode 2013-2014 worden uitgevoerd. In bijzondere gevallen kunnen bij de tussentijdse toetsing afspraken worden gemaakt over het ‘doorschuiven’ van een deel van de activiteiten naar de tweede periode van twee jaar.
Basisinfrastructuur & huidige vierjarig gesubsidieerden bij het Fonds
Ik wil een aanvraag doen voor de Basisinfrastructuur, maar omdat het onzeker is of ik daar word gehonoreerd, wil ik ook bij het Fonds aanvragen. Hoe werkt dat?
U kunt in dat geval een aanvraag bij het Fonds indienen die voldoet aan de eisen die het Fonds daaraan stelt. U kunt dus niet dezelfde aanvraag indienen als die u bij het ministerie indient.
Krijgen podiumkunstinstellingen die nu in de zitten maar daar niet kunnen blijven, automatisch subsidie van het Fonds?
Nee.
Heeft mijn instelling meer kans omdat ze nu al vierjarige subsidie van het Fonds ontvangt?
Nee,dit heeft geen invloed op uw kansen.
Klopt het dat het maximale bedrag dat ik kan aanvragen veel lager is dan wat ik nu ontvang, en waarom is dat?
Dat verschilt van geval tot geval. Voor sommige instellingen geldt inderdaad dat zij in de nieuwe situatie minder kunnen aanvragen dan zij tot nu toe ontvingen. Dat hangt samen met het beperkte budget dat het Fonds tot zijn beschikking heeft.
Beleid en het ‘waarom’ van de regeling
Waarom worden er vaste subsidiebedragen gekoppeld aan het aantal voorstellingen of concerten?
Het Fonds streeft naar een zo eerlijk en doelmatig mogelijke besteding van middelen en een zo groot mogelijke transparantie. Instellingen met activiteiten die vergelijkbaar zijn in aard en aantal, staat door het systeem van basisbedragen per voorstelling, een vergelijkbaar subsidiebedrag ter beschikking. De koppeling aan het aantal uitvoeringen is ook een stimulans voor een betere aansluiting tussen vraag en aanbod in de podiumkunsten, voor ondernemerschap en het verwerven van eigen inkomsten.
Waarom zijn er drempelnormen om een aanvraag te kunnen indienen?
Het budget voor meerjarige subsidies is sterk gekrompen, terwijl er meer aanvragen bij het Fonds zullen binnenkomen. Het budget willen we daarom inzetten voor instellingen die al bewezen hebben in de basis bedrijfsmatig te kunnen werken. Voor instellingen die nog niet zo ver zijn is een projectsubsidie meer aangewezen. De drempelnormen zijn gebaseerd op de praktijk en prestaties van de huidige door het Fonds meerjarig gesubsidieerde instellingen. Het zwaartepunt van de selectie vindt overigens nog steeds daarna plaats via de beoordeling in de adviescommissies.
Hoe zijn de budgetten per discipline bepaald? Waarom zijn niet alle budgetten evenveel verlaagd?
Op het Fonds wordt 29% bezuinigd. Omdat de projectenbudgetten grotendeels en de programmeringsbudgetten voor een klein gedeelte worden ontzien, daalt het budget voor meerjarige subsidies niet met 29 maar met circa 38%. Voor de verdeling tussen de disciplines is de verdeling uit de periode 2009-2012 het uitgangspunt. De staatssecretaris heeft een correctie op die verdeling mogelijk gemaakt op basis van de gewijzigde invulling van de Basisinfrastructuur. De gedachte daarachter is dat het Fonds de budgetten ophoogt van die sectoren waarin de pluriformiteit van kleinschalig en middelgroot aanbod in de Basisinfrastructuur het meest wordt aangetast en dit ten laste laat komen van sectoren die minder worden aangetast. Een volledige doorvoering van een dergelijke correctie levert echter extreme verschillen op. Op sectoren waarin de pluriformiteit toch al bijna geheel bij het Fonds was geborgd, zoals muziek en muziektheater, zou dan excessief moeten worden bezuinigd, zelfs oplopend tot boven de 50%. Daarom hebben we de staatssecretaris voorgesteld de veranderingen in de Basisinfrastructuur slechts voor een gedeelte te laten meetellen. Ook hebben we een ondergrens van 2 miljoen per discipline voorgesteld om in iedere sector een werkbaar budget te garanderen. De middelen die voor deze ondergrens (bij de sector muziektheater) nodig zijn komen ten laste van het projectenbudget. Die voorstellen zijn overgenomen.
Waarom worden het projecten- en programmeringsbudget ontzien en is er voor gekozen om relatief meer te korten op de meerjarige regeling?
Het projectenbudget wordt grotendeels ontzien om te voorkomen dat de bezuinigingen het bestel op slot zetten voor nieuwe ontwikkelingen en experimenten. Het projectenbudget was al een relatief klein deel van het fondsbudget, dat zwaar werd overvraagd. Met de scherpe keuzes die moeten worden gemaakt voor de meerjarige activiteitensubsidies, zal er nog meer druk op het projectenbudget ontstaan. Ook de relatief geringe programmeringsbudgetten worden (voor een kleiner gedeelte) ontzien, omdat dit het enige instrument is dat het Fonds tot haar beschikking heeft om de podia en festivals te stimuleren het kwaliteitsaanbod ook daadwerkelijk te programmeren. Het is ook het belangrijkste instrument dat het Fonds heeft om de Nederlandse popmuziek te ondersteunen.
Frictiekosten
Wat is bekend over frictiegelden?
Het Fonds is hierover nog in overleg met de staatssecretaris van Cultuur.